Internationaal terrorisme, Soedan en 'de rode loper'
Door Martin Hulsing
Extra! 19 oktober 2001. De ontzetting en de woede in de Westerse media
naar aanleiding van de terroristische aanslagen op het World Trade Centre
en het Pentagon staan in schril contrast met de gevallen van internationaal
terrorisme waar het Westen zelf verantwoordelijk voor is. Een treffend voorbeeld
hiervan is het bombarderen van de farmaceutische fabriek El Shifa in Soedan.
"Dit was net zo goed een terroristische aanslag als die op de 'Twin Towers'
- het enige verschil is dat wij weten wie het heeft gedaan", zegt Dr. Idris
Eltayeb, voorzitter van de raad van bestuur van de El Shifa fabriek, "ik voel
erg mee met de slachtoffers daar, maar als het gaat om de hoeveelheid slachtoffers,
en de gevolgen voor een arm land, dan was het hier erger."(1) Het leed voor
Soedan tekent zich des te schrijnender af, nu het erop lijkt dat de terreuraanvallen
van de 11de september voorkomen hadden kunnen worden als de Amerikaanse regering
was ingegaan op het aanbod van Soedan om informatie te geven over het Al-Qaeda
netwerk.
Er is op dit moment een discussie gaande over het 'internationale terrorisme'.
Van de vele voorbeelden die in de media de afgelopen weken naar voren zijn
gebracht wordt de vernietiging van de El Shifa fabriek in augustus 1998 alleen
terloops genoemd. Zoals onlangs in de NRC: "de rommelige periode die voorafging
aan het bombarderen van de farmaceutische fabriek El Shifa in Soedan (eind
augustus 1998) waar, in meer of minder rechtstreekse samenwerking met Bin
Laden, zou zijn gewerkt aan de productie van zenuwgas." Of zoals een dag daarna
ook in de NRC: "Drie jaar nadat de Amerikanen een raket afvuurden op een doelwit
in Khartoum als straf voor vermeende hulp aan terroristen (…) Inmiddels wordt
algemeen aangenomen dat de fabriek niets met wapenproductie van doen had."
Meer wordt er niet over gezegd.
Trots van Afrika
De "raket" die de Amerikanen afvuurden waren in werkelijkheid 14 kruisraketten
die "het doelwit", de farmaceutische fabriek El Shifa, volledig in as legden.
El Shifa produceerde ongeveer de helft van de totale farmaceutische producten
van Soedan. De aanval was een vergelding voor de bomaanslagen op Amerikaanse
ambassades in Kenia en Tanzania. President Clinton beweerde dat er zenuwgas
werd geproduceerd en hij werd in de Westerse media geprezen voor zijn daadkrachtige
manier van handelen. Al vroegen sommigen zich af of de aanval niet was bedoeld
om de aandacht af te leiden van de Lewinsky-affaire. Er worden geen vraagtekens
geplaatst bij het vermeende recht van de VS, noch wordt er aandacht besteed
aan de schrijnende gevolgen voor een arm land als Soedan. Zelfs drie jaar
later, nu alle relevante feiten bekend zijn, kan er niet meer vanaf dan dat
"Inmiddels wordt algemeen aangenomen dat de fabriek niets met wapenproductie
van doen had."(2)"
Bij de opening werd de El Shifa fabriek, de 'trots van Afrika' genoemd. Het
was de enige fabriek waar medicijnen tegen tuberculose werden gemaakt voor
meer dan 100.000 mensen, voor drie gulden vijftig per maand. "De duurdere
importversie is geen optie voor de meeste van hen, of voor hun mannen, vrouwen
en kinderen, die nu ook aan tuberculose leiden. El Shifa was ook de enige
fabriek waar veterinaire medicijnen werden gemaakt, in dit enorme land met
voornamelijk nomadische veehouderij. De fabriek was gespecialiseerd in medicijnen
die een parasiet doden die wordt overgedragen van het vee op de herder, de
belangrijkste oorzaak van kindersterfte." Veel erger dan de schade aan de
"toch al beperkte medische voorzieningen, was de politieke schade aan een
land dat zich probeert te ontworstelen aan een militaire dictatuur, fanatiek
islamisme en een langdurige burgeroorlog. (…) Toen werd El Shifa gebombardeerd,
en van de ene op de andere dag verviel Khartoum in een nachtmerrie van het
verlammende extremisme waaraan het probeerde te ontsnappen."(3)
Veto
"Het bewijs was niet sluitend. Niet genoeg om een daad van oorlog te rechtvaardigen,"
geeft Donald Petterson, de voormalige Amerikaanse ambassadeur van Soedan,
toe. Het zal zeker niet genoeg zijn om een misdaad tegen de menselijkheid
te rechtvaardigen. "Sancties tegen Soedan maken het onmogelijk om de ontstane
tekorten als gevolg van de vernietiging van de fabriek aan te vullen," aldus
Jonathan Belke, medewerker van de Near East Foundation, en de enige die een
schatting heeft gemaakt van de aangerichte schade. Een jaar na de aanval op
El Shifa schrijft hij dat er "tienduizenden mensen - waaronder veel kinderen
- hebben geleden en zijn gestorven aan malaria, tuberculose en andere te genezen
ziektes". Verder vraagt hij zich af hoe Washington zou reageren als een buitenlandse
macht kruisrakketen zou afsturen op een chemische fabriek in Milwaukee, omdat
daar 'Empta' wordt geproduceerd, het belangrijkste onderdeel van zenuwgas.
Of als de helft van de farmaceutische capaciteit in as wordt gelegd, en door
middel van een boycot het aanvullen van de ontstane tekorten wordt tegengewerkt.
De VS hebben nooit bewijs geleverd voor hun beweringen. Soedan stelde onmiddellijk
voor dat de VN een onderzoek zouden uitvoeren. Dit werd tegengehouden door
de VS met een veto in de Veiligheidsraad. Na de aanklacht van de eigenaren
van El Shifa is Washington in een juridische strijd verwikkeld, waarin zij
zich beroepen op 'soevereine onschendbaarheid'. Het artikel van Belke dat
een jaar na de aanval werd geschreven eindigt met enige spot: "Miljoenen zullen
zich afvragen hoe het Internationaal Gerechtshof in Den Haag deze verjaardag
zal vieren".(4)
De rode loper
In het al eerder genoemde artikel in de NRC, wordt vermeld dat in de "Soedanese
hoofdstad de rode loper [is] uitgelegd voor talrijke Amerikaanse geheimagenten
die onderzoek doen naar de aanvallen in New York en Washington". Instemmend
wordt Jack Straw, de Britse minister van Buitenlandse Zaken geciteerd: "Soedan
bevestigt hiermee zijn krachtige houding tegen terrorisme". Volgens de NRC
staat "de wereld op zijn kop", omdat tot voor kort Washington de "gewapende
Soedanese oppositie steunde" en heeft "het Amerikaanse congres [zelfs] een
wetsvoorstel voor strafmaatregelen tegen Soedan" tijdelijk ingetrokken. "Soedan
staat op de Amerikaanse lijst van zeven 'schurkenstaten' die terrorisme zouden
steunen. (…) Maar de scherpe kantjes van de agressieve buitenlandse politiek
zijn er van af en de regering zoekt toenadering tot de Verenigde Staten. De
aanval op Amerika kwam daarom als een hemels geschenk."(5)
Of de wereld op zijn kop staat is niet zo duidelijk, zeker is wel dat de NRC
een bizarre draai aan dit verhaal heeft gegeven. Voordat de VS zijn kruisraketten
vanaf de Rode Zee in de richting van Soedan stuurde, had Soedan laten weten
dat het twee mannen had gearresteerd uit het Bin Laden netwerk die werden
verdacht van de aanslagen op de Amerikaanse ambassades, in Kenia en Tanzania.
Een dag na de aanslagen op de Amerikaanse ambassades waren ze de Soedanese
grens overgegaan vanuit Kenia. Dit blijkt uit een memo van Soedan die persoonlijk
was gericht aan het voormalig hoofd van de FBI, Louis Freeh. Amerikaanse bronnen
bevestigen, aldus David Rose van de Observer, dat de FBI graag de uitlevering
wilde regelen met Soedan, maar dat "Clinton's minister van Buitenlandse Zaken,
Madeleine Albright, dit heeft tegen gehouden". Drie dagen later werd El Shifa
aan puin geschoten. Desalniettemin hield Soedan de twee verdachten nog drie
weken vast, hopende dat de VS alsnog zou ingaan op het aanbod van uitlevering.
De VS gingen niet in op de aanbieding van Soedan. Uiteindelijk werden de verdachten
vrijgelaten en uitgewezen naar Pakistan, sindsdien ontbreekt ieder spoor van
hen.
Dikke dossiers
Het was niet de eerste keer dat Soedan informatie aanbood betreffende Bin
Laden en het Al-Qaeda netwerk. Uit recent gelekte memo's van de FBI blijkt
dat vanaf 1995 Washington al meerdere malen het aanbod van Soedan om informatie
te leveren heeft afgewezen. De informatie bestond uit "een enorm databestand
over Osama bin Laden en meer dan 200 kopstukken van zijn Al-Qaeda terrorisme
netwerk". Er werden "dikke dossiers aangeboden, met foto's en gedetailleerde
biografieën van de belangrijkste van zijn kaders, en cruciale informatie over
de financiële belangen van Al-Qaeda over de hele wereld."
Een 'belangrijk persoon uit de CIA' kenmerkt deze en andere afwijzingen om
samen te werken met Soedan als de "grootste fout van de inlichtingendiensten
in die gehele afschuwelijke geschiedenis [van de 11de september]. Dit is de
sleutel tot het hele verhaal. Het is niet onredelijk om te zeggen dat als
we deze informatie hadden, dat we dan een betere kans hadden gehad om de aanslagen
te voorkomen." Volgens hem was de reden voor deze afwijzing de "irrationele
haat" van de regering Clinton voor Soedan. Hoewel er al sinds een jaar iets
betere betrekkingen zijn met Soedan, "wordt er nu pas serieus naar de door
Soedan aangeboden informatie gekeken. Ook de Britten hebben vier jaar lang
de aanbiedingen vanuit Soedan afgewezen. "Als iemand van MI6 de moeite zou
nemen, dan kan hij morgen naar Khartoum komen", aldus een Soedanese regeringsbron,
"dit zeggen we al jaren."
Propagandaverhaaltjes
In 1992 kwamen Bin Laden en zijn aanhangers naar Soedan. De meeste van hen
waren 'Afghanis', dat wil zeggen Saoediërs, Jemenieten en Egyptenaren die
door de CIA bij elkaar werden gebracht om met Bin Laden tegen de Sovjet-Unie
te vechten in Afghanistan. "We weten precies wie ze zijn," aldus een Soedanese
bron, "we weten wie de leiders zijn en hoe ze hun plannen maken en uitvoeren".
Na enorme druk van Saoedi-Arabië en de VS ging Soedan in 1996 akkoord met
de uitwijzing van Bin Laden en driehonderd van zijn aanhangers. Volgens de
Soedanese veiligheidsdienst was dat een grote blunder. "Hier konden we volgen
wat hij deed, en zijn post lezen, toen wij hem eruit hadden gezet en hij naar
Afghanistan vertrok, was hij niet meer in de gaten te houden."(6)
Het is niet onaannemelijk dat zonder de 11de september Soedan nog steeds door
de VS als 'schurkenstaat' zou worden beschouwd, het is altijd handig om een
arm derdewereldland als boksbal te kunnen gebruiken. Wie nu precies voor wie
de 'rode loper' uitlegt, mag ieder voor zich bepalen. Het diepgewortelde ontzag
voor de propagandaverhaaltjes van de VS komt vooral naar voren in het klakkeloos
overnemen van de Amerikaanse retoriek over het 'internationaal terrorisme'.
Zelfs op dusdanige wijze dat de slachtoffers van internationaal terrorisme
door de VS "hun krachtige houding tegen terrorisme" moeten aantonen. In die
zin staat "de wereld op zijn kop".
(1) Guardian, 2 oktober 2001, 'Strike one', James Astill
(2) NRC, 26 september 2001, 'Amerikanen vrezen biologische aanval', Karel
Knip; NRC, 27 september 2001, 'Aanval op VS komt voor Soedan als geschenk',
Koert Lindijer
(3) Guardian, 2 oktober 2001, 'Strike one', James Astill
(4) Boston Globe, 22 augustus 1999, 'Year later, US attack on factory still
hurts Sudan', Jonathan Belke.
(5) NRC, 27 september 2001, 'Aanval op VS komt voor Soedan als geschenk',
Koert Lindijer
(6) David Rose, Observer 30 september 2001, 'Resentful west spurned Sudan's
key terrorfiles'
Terug